RARE VONDST
Sint Olofskapel
Een kapel uit de 15e eeuw, opgeslokt door een hotel, met een gevelsteen met doodshoofd en beenderen boven de oude deur.
Een kapel die het hotel opslokte
Aan de Sint Olofskapel loop je makkelijk voorbij. Ze staat tussen de Zeedijk en de Nieuwebrugsteeg, vlak bij het Damrak, en vanaf de straat lijkt ze deel van de gebouwen eromheen. Het is een voormalige kerk die haar gemeente kwijtraakte, afbrandde, jarenlang als ruïne bleef staan en daarna werd ingepast in een hotelcomplex.
Een korte stop is de moeite waard, want er zit zoveel van het verhaal van Amsterdam in dit kleine gebouw: zeelieden, de Reformatie, kooplieden, een kaasmarkt, een brand. Het meeste kun je vanaf de stoep aflezen, en het kost niets.
Zeelieden, kooplieden en een brand
De eerste kapel werd tussen 1440 en 1450 gebouwd, tegen een grote stadspoort aan, de Sint Olofspoort. De poort werd in 1618 afgebroken, maar de oude doorgang draagt haar naam nog steeds als straatnaam.
De kapel was gewijd aan Sint Olaf, de Noorse koning Olaf II, die het christendom in zijn land verspreidde. Hij was de beschermheilige van zeevarenden, en dat paste hier goed, want de stad leefde van de zee. De dichter Vondel noemde de zeekapel en Sint Olaf in zijn gedicht voor het nieuwe stadhuis in 1655.
Aan het eind van de 15e eeuw werd de kapel meerdere keren uitgebreid. Een van de toevoegingen was een kleine, veelhoekige Jeruzalemkapel, waarin een kopie van het Heilig Graf zou hebben gestaan. Die werd in 1644 gesloopt.
Na de Alteratie van 1578, toen de stad protestants werd, stond het gebouw een tijdje leeg. Vanaf 1586 mochten kooplieden er handel drijven. In 1602 ging het naar de gereformeerde kerk, en mensen begonnen het de Oudezijds Kapel te noemen. De uitbreiding van 1644 gaf het de vorm die het nu heeft: drie beuken en een plattegrond die niet helemaal symmetrisch is.
De kapel had een kleine houten toren, die in 1543 een uurwerk kreeg. De toren brandde in 1820 af en werd nooit herbouwd. De laatste kerkdienst werd in 1912 gehouden. Daarna had het gebouw vele bestemmingen, waaronder een wekelijkse kaasmarkt in de jaren vijftig. In 1964 sloot de gemeente het omdat het kon instorten, en in 1966 brandde het grotendeels af. Jarenlang stond er een dichtgetimmerde ruïne aan de Zeedijk. In 1969 kwam er een noodDak op, en datzelfde jaar begonnen archeologen te graven.
De redding kwam in 1991. De gemeente kocht de kapel voor een symbolische gulden en droeg haar over met de verplichting haar te restaureren. Het Barbizon hotel van de NH Hotel Group stond klaar als gebruiker. Tegenwoordig dient de kapel als congrescentrum van het hotel.
Waar je op moet letten
Ga op de Zeedijk staan en kijk naar de toegangspoorten. Die aan de Zeedijk dateert van 1644. Twee andere aan de Nieuwebrugsteeg dateren van 1620 en 1671. Het is renaissance uit de 17e eeuw, ingepast in een gebouw dat in de geest gotisch blijft, dus de stijlen passen niet helemaal bij elkaar.
Zoek dan de gevelsteen met het doodshoofd en de beenderen. Tijdens de restauratie overleed een van de architecten, Boudewijn de Court Onderwater, en de steen werd ter nagedachtenis aan hem geplaatst. Neem even de tijd om hem te lezen.
Let ook op hoe het gebouw in de straat staat. De scheve muren en de mix van oud en nieuw metselwerk zijn wat een brand en een lange restauratie hebben overleefd. Loop eromheen om beide kanten te bekijken, de Zeedijk en de Nieuwebrugsteeg.
Voor je gaat
- Loop vanaf Amsterdam Centraal over de Zeedijk richting de Nieuwebrugsteeg. Het is een korte wandeling.
- Je ziet de kapel vanaf de straat, dus het is gratis en er is geen rij. Ze wordt gebruikt als congrescentrum, dus reken er niet op dat je naar binnen kunt.
- Ga 's ochtends, als het rustiger is op de Zeedijk en het licht op de bakstenen mooi is. 's Avonds is het drukker in dit deel van de stad.
- Kijk naar de poorten en de gevelsteen, en loop om het gebouw heen om beide kanten te zien.
- Let op je tas in de drukke straten in de buurt.









