MONUMENT
Munttoren
De toren waar Amsterdam in 1672 zijn eigen munten sloeg, bij de bloemenmarkt.
Een toren op een drukke hoek
De Munttoren staat op het Muntplein, waar de Amstel en de Singel samenkomen. Het is een gedrongen bakstenen toren met een achthoekig bovenste deel en een lichte, open spits. Ernaast staat een klein poortgebouw met een doorgang in het midden. Het verkeer raast om het plein heen, dus blijf even staan en kijk omhoog voordat je oversteekt.
Het is de wandeling waard, omdat je in één oogopslag ziet hoe de stad is veranderd. Dit was ooit een poort in de middeleeuwse stadsmuur. Nu markeert het de plek waar de winkelstraat Kalverstraat eindigt en de bloemenmarkt begint. Het kost niets, duurt ongeveer tien minuten en ligt op de route naar bijna alles.
Van stadspoort tot munt
De toren was oorspronkelijk onderdeel van de Regulierspoort, een van de belangrijkste poorten in de middeleeuwse stadsmuur van Amsterdam. De poort werd in de jaren 1480 gebouwd, met twee torens en een wachthuis. Hij was vernoemd naar het Reguliersklooster dat erbuiten stond.
In 1618 verwoestte een brand het grootste deel van de poort. Alleen het wachthuis en een deel van de westelijke toren bleven overeind. Rond 1620 werd de toren herbouwd. Hendrick de Keyser ontwierp de nieuwe top en de open spits. Hij gaf de toren ook een klok met vier wijzerplaten.
De naam komt uit 1672, het Rampjaar. Engeland en Frankrijk verklaarden de oorlog aan de Republiek, en Franse troepen bezetten een groot deel van het land. Zilver en goud konden niet meer veilig naar Dordrecht en Enkhuizen worden gebracht, waar normaal de munten werden geslagen. Daarom sloeg Amsterdam een tijdlang zelf munten, in het wachthuis. Het was een tijdelijke oplossing, maar de naam bleef.
Het poortgebouw dat je nu ziet, is niet het oude. Het verving tussen 1885 en 1887 het middeleeuwse wachthuis, in neorenaissancestijl, naar een ontwerp van Willem Springer. De doorgang dateert van een verbouwing in 1938 en 1939.
Waar je op kunt letten
Ga aan de overkant van het plein staan en kijk eerst naar de spits. In de open lantaarn bovenin hangen de klokken. Het zijn er 38. De gebroeders Hemony goten de eerste set in 1651 voor de oude beurs, en Pieter Hemony breidde die uit toen ze in 1668 hierheen verhuisde. Slechts 13 van de oorspronkelijke Hemony-klokken hangen nog in de toren. Door de vervuiling van het verkeer raakten veel kleine klokken beschadigd en zijn ze vervangen. Een aantal oude klokken is nu te zien in het Amsterdam Museum.
Luister dan ook. Een trommel in de toren speelt elk kwartier een kort melodietje op de klokken. Pieter Hemony maakte die trommel in de jaren 1660 en hij werkt nog steeds. Twee keer per jaar verzet de stadsbeiaardier de pennen om de melodieën te wisselen. Op zaterdagmiddag, vanaf ongeveer twee uur, bespeelt de beiaardier de klokken met de hand. Zeventiende-eeuws brons horen boven het lawaai van de kruising is een mooi Amsterdams moment.
Kijk als laatste naar de wijzerplaten en de voet van de toren. Die kreeg extra funderingen, zodat hij niet zou wegzakken toen vlak naast de toren de Noord/Zuidlijn werd gegraven. Loop daarna door de kleine doorgang onder het poortgebouw, die naar de Kalverstraat en de Reguliersbreestraat leidt.
Voor je gaat
- Het Muntplein ligt aan het eind van de Kalverstraat. Vanaf metrostation Rokin is het ongeveer zes minuten lopen.
- Je kunt de toren altijd van buiten bekijken, en het is gratis.
- Kom op zaterdagmiddag vanaf ongeveer 14.00 uur om de stadsbeiaardier live op de klokken te horen spelen.
- In de vroege ochtend is het het rustigst. Het plein is een drukke kruising, dus kijk goed om je heen voordat je de straat op stapt om foto's te maken.
- Loop door de doorgang onder het poortgebouw. Die leidt naar de Kalverstraat en de Reguliersbreestraat.









