MUSEUM
NEMO Science Museum
Het wetenschapsmuseum in het grote groene, scheepsvormige gebouw aan het water, gemaakt voor kinderen die overal aan mogen komen.
Een groen schip op het water
Je ziet het al voordat je er bent. Het grote groene gebouw aan het Oosterdok, vlak bij Centraal Station, lijkt op de boeg van een schip dat uit het water omhoogkomt. Dat is NEMO, het wetenschapsmuseum, en het is gebouwd voor kinderen die overal aan mogen zitten.
Het motto is Hands On. De meeste opstellingen zijn experimenten, geen voorwerpen achter glas. Je probeert het verschijnsel zelf uit, of het nu gaat om natuurkunde, scheikunde, biologie of hoe mensen zich gedragen. Zo'n 38 procent van de bezoekers is jonger dan 18, en in 2023 trok het museum 725.000 mensen. Het doel is jongeren enthousiast te maken voor wetenschap en techniek, en dat lukt ook bij een flink deel van de volwassenen.
Gebouwd op een tunnel
Het gebouw stamt uit 1997 en is ontworpen door Renzo Piano. De vorm is niet willekeurig. Hij echoot de ingang van de IJtunnel, gespiegeld ten opzichte van de grond. Dat past, want het museum staat precies boven op de tunnel. De funderingspalen zijn net als die onder de tunnel zelf 95 meter lang.
Het verhaal van het museum is ouder dan het gebouw. Het begon in 1923 als het Museum van den Arbeid, opgericht door de schilder Herman Heijenbrock. In 1954 werd het het NINT, het Nederlands Instituut voor Nijverheid en Techniek. Beide zaten op andere plekken in de stad, aan de Rozengracht en later aan de Tolstraat. In 1997 opende het museum als NewMetropolis in het groene gebouw dat je nu ziet. Na geldproblemen in 2000 begon het opnieuw als Science Center NEMO, en later als NEMO Science Museum.
Wat er binnen is
De vaste opstellingen zijn verdeeld in thema's. Fenomena gaat over natuurverschijnselen. Technium gaat over techniek. Elementa behandelt sterrenkunde en scheikunde en heeft het Lab, waar bezoekers een echt laboratoriumexperiment kunnen doen. Humania gaat over de mens in al zijn facetten. Op het dakterras staat Energetica, over energie uit duurzame bronnen.
Achter de interactieve opstellingen zit een rustigere collectie van ongeveer 20.000 voorwerpen. Het meeste komt van het voormalige publiekscentrum Energetica, waarvan de eigen collectie afkomstig was van het oude KEMA-museum en het Gemeentelijk Energiebedrijf Amsterdam. De collectie draait om verlichting, installaties, opwekking en opslag van stroom, en elektrische huishoudelijke apparaten. Het meeste ligt in een depot in Amsterdam-Noord.
Als je er staat
Begin buiten. Loop om het gebouw heen en kijk hoe de groene romp vanaf de kade omhoogloopt. Denk dan aan wat onder je zit: de tunnel en die lange palen, diep in de zachte grond geslagen. Het is een goede plek om te zien hoeveel techniek Amsterdam onder het water verbergt.
Het uitzicht over het water doet er ook toe. Vanaf de kade kijk je over het Oosterdok naar de oude scheepvaartbuurt, en het scheepvaartmuseum in het oude Marinemagazijn is een korte wandeling verderop. Boten op het IJ varen vlak langs. Let binnen ook op de gezinnen. Het mooiste is vaak een kind te zien dat voor het eerst een mechanisme doorheeft en het niet meer wil loslaten.
Voor je gaat
- Vlak bij Centraal Station, aan het Oosterdok. Je kunt vanaf het station lopen.
- Reken op een paar uur als je met kinderen komt. Weinig kinderen laten een experiment half liggen.
- Draag makkelijke schoenen. Je staat veel op je benen en loopt tussen de verdiepingen.
- De tentoonstelling Energetica is op het dakterras, dus kleed je naar het weer.
- Neem eerst even de tijd om buiten vanaf de kade naar de vorm van het gebouw te kijken.









